Allergie voor deodorant? Oorzaken, klachten en wat je kunt doen
Geplaatst: zo 12 apr 2026, 09:51
Allergie voor deodorant? Oorzaken, klachten en wat je kunt doen
Heb jij een allergie voor deodorant? Je gebruikt een deodorant of antitranspirant om je frisser te voelen. En toch begint het juist daar: jeuk, branderigheid, roodheid of een eczeemachtige uitslag...
Jamy van den Brink
7 april 2026
Heb jij een allergie voor deodorant?
Je gebruikt een deodorant of antitranspirant om je frisser te voelen. En toch begint het juist daar: jeuk, branderigheid, roodheid of een eczeemachtige uitslag onder je oksels. Dat is niet alleen vervelend, maar vaak ook verwarrend. Heb je een allergie voor de deodorant? Ligt het aan zweet? Aan scheren? Aan een gevoelige huid?
Het eerlijke antwoord: dat kan allemaal meespelen. Okselklachten door deodorant of antitranspirant komen regelmatig voor, maar het is lang niet altijd hetzelfde probleem. Meestal gaat het om één van drie dingen: gewone irritatie zonder echte allergie, een vertraagde huidallergie, of — minder vaak — een snelle reactie met galbulten.
Dat onderscheid is belangrijk. Niet alleen om te begrijpen wat er gebeurt, maar ook omdat de beste test en behandeling afhangen van het soort reactie dat je hebt.
Mini-samenvatting
Okselklachten door deodorant of antitranspirant kunnen ontstaan door irritatie, een vertraagde huidallergie of een snelle galbultreactie. De oksel is extra gevoelig door warmte, vocht, wrijving en scheren. Geurstoffen zijn bekende boosdoeners, maar ook conserveringsmiddelen, propyleenglycol, aluminiumzouten en andere hulpstoffen kunnen meespelen. En niet alles wat op eczeem lijkt, ís ook eczeem: soms gaat het om intertrigo, een schimmelinfectie of erythrasma. Daarom begint goede diagnostiek meestal simpel: stop het verdachte product, geef de huid rust en kijk of verder onderzoek nodig is.
Waarom juist de oksel zo snel reageert
De oksel is geen gewone huidplek. Het is een huidplooi, en dat maakt veel uit. Warmte, vocht, wrijving en afsluiting komen daar voortdurend samen. Daardoor raakt de huid sneller geïrriteerd dan bijvoorbeeld op je arm of been. Stoffen die je op de oksel aanbrengt, blijven daar bovendien vaak langer zitten. En juist dat vergroot de kans op klachten.
Daar komt nog iets bij: de huidbarrière in de oksel is van nature minder sterk dan op sommige andere plekken van het lichaam. Je kunt die huidbarrière zien als een muur van bakstenen met cement ertussen. Zolang die muur stevig is, houdt je huid prikkels goed buiten. Maar als het “cement” verzwakt, kunnen stoffen makkelijker naar binnen en sneller irritatie of eczeem veroorzaken.
Scheren maakt die huid vaak nog kwetsbaarder. Het haalt niet alleen haartjes weg, maar belast ook de bovenste huidlaag. Daardoor kan geschoren okselhuid gevoeliger reageren dan niet-geschoren huid.
Beschadigen huid door scheren
Deodorant en antitranspirant zijn niet hetzelfde
Veel mensen gebruiken die woorden door elkaar, maar er is wel degelijk verschil. Een deodorant richt zich vooral op geur. Dat gebeurt meestal met geurstoffen en/of stoffen die bacteriën remmen. Een antitranspirant doet iets anders: die remt zweten, meestal met aluminiumzouten. In de praktijk kunnen beide producten klachten geven. Dus ook als je denkt: ik gebruik geen gewone deodorant maar een antitranspirant, dan sluit dat huidreacties niet uit.
Niet elke okselreactie is hetzelfde
Als je huid onder je oksels rood, jeukend of schilferend wordt, lijkt dat misschien één soort probleem. Maar in werkelijkheid kunnen er verschillende mechanismen achter zitten. En juist het moment waarop de klachten beginnen, geeft vaak veel informatie.
1. Irritatief contacteczeem: je huid raakt overbelast
Irritatief contacteczeem is geen allergie. Het ontstaat doordat de huidbarrière beschadigd of overprikkeld raakt. Dat kan komen door een ingrediënt in een product, maar ook door wrijving, vocht, afsluiting of scheren. In het algemeen is dit de meest voorkomende vorm van contactdermatitis. Bij dit type reactie zie je vaak dat de huid relatief snel protesteert. Denk aan een branderig, prikkend of schrijnend gevoel kort na het aanbrengen, soms al binnen minuten tot uren. De roodheid en schilfering blijven meestal op de plek waar je het product gebruikt. Klachten worden vaak erger door scheren of door veel zweten. Dat past ook goed bij de oksel zelf: juist daar is de huidbarrière kwetsbaar en raakt de huid sneller uit balans.
2. Allergisch contacteczeem: een vertraagde huidallergie
Allergisch contacteczeem is wél een allergie, maar niet van het snelle type. Het gaat om een vertraagde huidallergie. Simpel gezegd: je afweersysteem heeft een stof eerder leren herkennen en onthoudt die vervolgens. Je kunt die afweercellen zien als bewakers met geheugen. De eerste keer gebeurt er vaak nog weinig zichtbaars, maar bij later contact kunnen die bewakers alarm slaan. Dan ontstaat er eczeem. Bij deze vorm komen klachten meestal niet meteen op. Vaak beginnen ze pas uren tot dagen na blootstelling. Jeuk staat vaak meer op de voorgrond dan branderigheid. Ook kan het eczeem zich uitbreiden buiten de plek waar je het product precies hebt aangebracht. Dat maakt het soms verwarrend: je gebruikt iets onder je oksel, maar de reactie blijft niet altijd netjes binnen die grenzen. Bij verdenking op allergisch contacteczeem is een plakproef de standaardtest.
3. Contacturticaria: een snelle reactie met galbulten
Contacturticaria is weer iets anders. Hierbij ontstaat een snelle reactie met galbulten, vaak binnen enkele minuten tot maximaal een uur na contact. Soms verloopt zo’n reactie via het afweersysteem en soms niet, maar voor de praktijk is vooral belangrijk dat het om een directe reactie gaat. En bij een directe reactie past meestal ook een andere vorm van diagnostiek dan bij vertraagd eczeem. Soms doen we hierbij een 60-minuten plaktest.
Welke ingrediënten zijn bekende boosdoeners?
Bij okselreacties door deodorants en antitranspiranten is er lang niet altijd maar één duidelijke schuldige. Soms is het juist een optelsom. Denk aan parfum op pas geschoren huid, in een warme huidplooi waar een product lang blijft zitten. Dan kunnen irritatie en allergie ook nog door elkaar lopen. Toch zijn er een paar ingrediënten die vaak terugkomen.
Parfum en geurstoffen
Geurstoffen zijn een van de bekendste oorzaken van allergisch contacteczeem door deodorants. Dat is ook logisch: juist in producten tegen zweetgeur worden geurstoffen veel gebruikt. In de praktijk zie je dan ook regelmatig dat mensen die voor het eerst uitslag kregen na een deodorantspray uiteindelijk inderdaad een geurstofallergie blijken te hebben.
Linalool en limonene
Deze geurstoffen zitten in veel cosmetica. Op zichzelf zijn ze niet altijd het grootste probleem. De echte boosdoeners ontstaan vaak pas later, wanneer ze in contact komen met lucht. Dan kunnen ze oxideren en afbraakproducten vormen, zogeheten hydroperoxiden. Juist die afbraakproducten kunnen sterke contactallergenen zijn. Dat maakt het extra verraderlijk: een product kan eerst prima lijken te gaan, maar later toch problemen geven.
Methylisothiazolinone
Methylisothiazolinone, vaak afgekort als MI, is een conserveermiddel en tegelijk een bekend contactallergeen. Ook dit is beschreven als oorzaak van allergisch contacteczeem door deodorant. Wat hierbij meespeelt, is dat samenstellingen van producten in de loop van de tijd kunnen veranderen. Een oude en een nieuwe versie van hetzelfde product kunnen dus behoorlijk van elkaar verschillen. Dat is ook waarom iets dat je vroeger prima verdroeg, later ineens toch klachten kan geven.
Propyleenglycol
Propyleenglycol is zo’n stof die artsen en patiënten soms op het verkeerde been zet. Dat komt doordat het zowel kan irriteren als een echte contactallergie kan veroorzaken. De huid kan er dus boos op reageren zonder dat meteen duidelijk is waarom precies. Juist omdat propyleenglycol in veel alledaagse cosmetische en medicinale producten voorkomt, is het soms lastig te herkennen als terugkerende boosdoener.
Aluminiumzouten
Aluminiumzouten zijn de werkzame stoffen in veel antitranspiranten. Ze zijn dus vooral bedoeld om zweten te remmen, niet om geur te maskeren. Aluminiumallergie is niet de meest voorkomende verklaring voor okselklachten, maar het is wel degelijk beschreven. Er zijn gevallen bekend van allergisch contacteczeem door aluminium in deodorants en antitranspiranten.
Cetyl PEG/PPG-10/1 dimethicone
Ook siliconederivaten kunnen een rol spelen. Een voorbeeld is cetyl PEG/PPG-10/1 dimethicone, dat is beschreven als allergeen in een deodorantcrème. Dat laat zien dat niet alleen de “actieve” stoffen ertoe doen, maar ook de basis waarin een product is opgebouwd.
Maar let op: niet alles is een allergie voor deoderant
Niet alles wat onder de oksel rood, jeukend of schilferend is, is automatisch contacteczeem. Soms lijkt het daarop, maar speelt er iets anders.
Zo kan het gaan om intertrigo: een ontsteking in de huidplooi door warmte, vocht en wrijving. Daarbij kan de huid ook nog secundair geïnfecteerd raken. Een andere mogelijkheid is candidiasis, een schimmelinfectie in huidplooien. Ook erythrasma kan op eczeem lijken. Dat is een infectie door een bacterie en vraagt weer een andere aanpak.
Juist daarom is het goed om niet te snel te concluderen dat elk okselprobleem simpelweg “allergie voor deodorant” is.
Wat kun je zelf als eerste doen?
Als je vermoedt dat een deodorant of antitranspirant de boosdoener is, is het meestal slim om eerst simpel te beginnen.
Stop het verdachte product gedurende minstens één tot twee weken. Geef je huid in die periode zoveel mogelijk rust. Dat betekent ook: liever even niet scheren, wrijving beperken en waar mogelijk luchtige kleding dragen. Juist bij de oksel helpt dat, omdat deze huid van zichzelf al kwetsbaar is en scheren de huidbarrière extra kan verstoren.
Probeer daarnaast de huidbarrière te herstellen met een eenvoudige, ongeparfumeerde zalf of crème. Zie dat opnieuw als het herstellen van het “cement” tussen de bakstenen van de huid. Hoe rustiger en sterker die huidbarrière wordt, hoe kleiner de kans dat nieuwe producten meteen opnieuw problemen geven.
Pas als de huid weer rustig is, kun je eventueel een product opnieuw proberen. Kies dan het liefst iets met een korte ingrediëntenlijst en zonder parfum. Dat verkleint de kans dat je huid opnieuw geprikkeld raakt.
Huidbarriere herstellen
Zelf thuis testen: voorzichtig en niet onbeperkt
Als je vermoedt dat een product de boosdoener is, is het logisch dat je zelf wilt uitproberen waar je op reageert. Dat kan soms voorzichtig, maar niet elke manier van testen is verstandig.
Een methode die hierbij gebruikt wordt, is de ROAT: de Repeated Open Application Test. Daarbij breng je een product herhaaldelijk aan op een klein stukje huid, zonder het af te plakken, om te kijken of er een reactie ontstaat. In de professionele praktijk wordt zo’n test vooral gebruikt als hulpmiddel bij de beoordeling van contactallergie, niet als vervanging van een echte plakproef.
Voor okselklachten is het verstandiger om zo’n ROAT-achtige aanpak niet meteen in de oksel zelf te doen, maar op een minder gevoelige plek, zoals de onderarm, en alleen als de huid rustig is. Krijg je roodheid of duidelijke irritatie, dan stop je meteen.
Belangrijk is wel om te weten wat zo’n thuistest níet kan. Een negatieve reactie sluit allergisch contacteczeem niet uit. En een positieve reactie kan ook gewoon irritatie zijn. Zo’n test kan dus soms iets aanwijzen, maar geeft lang niet altijd een duidelijk antwoord.
Wat je beter niet doet, is een product zelf onder een pleister op de okselhuid plakken. Dat lijkt misschien slim, maar juist die afsluiting kan de huid extra irriteren en beschadigen. Dan weet je uiteindelijk nog steeds niet goed of je reageert door allergie, door irritatie of gewoon doordat de huid te zwaar belast is geraakt.
Behandeling en preventie: wat kun je zelf doen?
De eerste stap is meestal ook de belangrijkste: stop met het product. Niet alleen als behandeling, maar ook als praktische test. Deodorants en antitranspiranten zijn bekende oorzaken van okselklachten, dus stoppen maakt vaak relatief snel duidelijk of er een verband is. Geef de huid daarna de kans om te herstellen. Kies tijdelijk voor een simpele, ongeparfumeerde vette crème of zalf. Eerst moet de huidmuur weer sterker worden, voordat de huid minder gevoelig reageert. Probeer in deze fase ook extra belasting te vermijden. Dus liever even niet scheren, of in ieder geval minder vaak. Draag zachte, niet-schurende kleding en probeer wrijving zoveel mogelijk te beperken. Dat klinkt eenvoudig, maar juist zulke maatregelen kunnen veel verschil maken. Kies je daarna een nieuw product, dan is parfumvrij vaak een logische eerste stap, zeker als je denkt aan een geurstofallergie. Maar parfumvrij betekent niet automatisch probleemvrij. Ook andere ingrediënten kunnen klachten geven. Hetzelfde geldt voor producten die zich presenteren als natuurlijk of botanisch. Dat klinkt vaak veiliger, maar is het niet automatisch. Ook op natuurlijke ingrediënten zijn reacties beschreven.
Heb je eerder al op meerdere producten gereageerd, dan is het slim om ook te denken aan stoffen die in veel verschillende producten terugkomen. Zulke overlap-allergenen, zoals propyleenglycol of bepaalde conserveringsmiddelen, kunnen ervoor zorgen dat klachten steeds terugkeren, ook als je van merk wisselt.
Bronnen
Amaro, C., Santos, R., & Cardoso, J. (2011). Contact allergy to methylisothiazolinone in a deodorant. Contact Dermatitis, 64(5), 298–299. https://doi.org/10.1111/j.1600-0536.2011.01885.x
Dittmar, D., & Schuttelaar, M. L. A. (2019). Contact sensitization to hydroperoxides of limonene and linalool: Results of consecutive patch testing and clinical relevance. Contact Dermatitis, 80(2), 101–109. https://doi.org/10.1111/cod.13137
Evans, R. L., Marriott, R. E., & Harker, M. (2012). Axillary skin: Biology and care. International Journal of Cosmetic Science, 34(5), 389–395. https://doi.org/10.1111/j.1468-2494.2012.00729.x
Garg, S., Loghdey, S., & Gawkrodger, D. J. (2010). Allergic contact dermatitis from aluminium in deodorants. Contact Dermatitis, 62(1), 57–58. https://doi.org/10.1111/j.1600-0536.2009.01663.x
Giménez-Arnau, A. M., Pesqué, D., & Maibach, H. I. (2022). Contact urticaria syndrome: A comprehensive review. Current Dermatology Reports, 11(4), 194–201. https://doi.org/10.1007/s13671-022-00379-0
Heisterberg, M. V., Menné, T., Andersen, K. E., Avnstorp, C., Kristensen, B., Kristensen, A. O., Kaaber, K., Laurberg, G., Nielsen, N. H., Sommerlund, M., Thormann, J., Veien, N. K., Vissing, S., & Johansen, J. D. (2011). Deodorants are the leading cause of allergic contact dermatitis to fragrance ingredients. Contact Dermatitis, 64(5), 258–264. https://doi.org/10.1111/j.1600-0536.2011.01889.x
Isaksson, M., Karlberg, A. T., & Nilsson, U. (2019). Allergic contact dermatitis caused by oxidized linalool in a deodorant. Contact Dermatitis, 81(3), 213–214. https://doi.org/10.1111/cod.13276
Marti, V. P. J., Lee, R. S., Moore, A. E., Paterson, S. E., Rawlings, A. V., & Scott, I. R. (2003). Effect of shaving on axillary stratum corneum. International Journal of Cosmetic Science, 25(4), 193–198. https://doi.org/10.1046/j.1467-2494.2003.00186.x
McGowan, M. A., Scheman, A., & Jacob, S. E. (2018). Propylene glycol in contact dermatitis: A systematic review. Dermatitis, 29(1), 6–12. https://doi.org/10.1097/DER.0000000000000307
Musicante, M. J., Cohen, D. E., & Milam, E. C. (2024). Axillary contact dermatitis: An update on potential allergens and management. Cutis, 113(1), 35–42. https://doi.org/10.12788/cutis.0930
Ogueta, I. A., Brared Christensson, J., Giménez-Arnau, E., Brans, R., Wilkinson, M., Stingeni, L., Foti, C., Aerts, O., Svedman, C., Gonçalo, M., & Giménez-Arnau, A. (2022). Limonene and linalool hydroperoxides review: Pros and cons for routine patch testing. Contact Dermatitis, 87(1), 1–12. https://doi.org/10.1111/cod.14064
Pastor-Nieto, M. A., Gatica-Ortega, M. E., Alcántara-Nicolás, F. D. A., Vergara-Sánchez, A., & del Pozo-Losada, J. (2018). Allergic contact dermatitis resulting from cetyl PEG/PPG-10/1 dimethicone in a deodorant cream. Contact Dermatitis, 78(3), 236–239. https://doi.org/10.1111/cod.12922
Patel, K., & Nixon, R. (2022). Irritant contact dermatitis—A review. Current Dermatology Reports, 11(2), 41–51. https://doi.org/10.1007/s13671-021-00351-4
Pemberton, M. A., & Kimber, I. (2023). Propylene glycol, skin sensitisation and allergic contact dermatitis: A scientific and regulatory conundrum. Regulatory Toxicology and Pharmacology, 138, 105341. https://doi.org/10.1016/j.yrtph.2023.105341
Schubert, S., Geier, J., Brans, R., et al. (2023). Patch testing hydroperoxides of limonene and linalool in consecutive patients—Results of the IVDK 2018–2020. Contact Dermatitis, 89(2), 85–94. https://doi.org/10.1111/cod.14332
Sheu, M., Simpson, E. L., Law, S. V., & Storrs, F. J. (2006). Allergic contact dermatitis from a natural deodorant: A report of 4 cases associated with lichen acid mix allergy. Journal of the American Academy of Dermatology, 55(2), 332–337. https://doi.org/10.1016/j.jaad.2004.12.043
Siemund, I., Zimerson, E., Hindsén, M., & Bruze, M. (2012). Establishing aluminium contact allergy. Contact Dermatitis, 67(3), 162–170. https://doi.org/10.1111/j.1600-0536.2012.02084.x
Turner, G. A., Moore, A. E., Marti, V. P. J., Paterson, S. E., & James, A. G. (2007). Impact of shaving and anti-perspirant use on the axillary vault. International Journal of Cosmetic Science, 29(1), 31–38. https://doi.org/10.1111/j.1467-2494.2007.00361.x
van Ketel, W. G. (1976). Allergic contact dermatitis from propellants in deodorant sprays. Contact Dermatitis.
Watkinson, A., Lee, R. S., Moore, A. E., Pudney, P. D. A., Paterson, S. E., & Rawlings, A. V. (2002). Reduced barrier efficiency in axillary stratum corneum. International Journal of Cosmetic Science, 24(3), 151–161. https://doi.org/10.1046/j.1467-2494.2002.00133.x
Door Jamy van den Brink
Jamy van den Brink behaalde in 2024 CumLaude haar diploma HBO Huidtherapie aan de Hogeschool Utrecht.
Bron: https://allergiecentra.nl/nieuws/allerg ... nt-oksels/
Heb jij een allergie voor deodorant? Je gebruikt een deodorant of antitranspirant om je frisser te voelen. En toch begint het juist daar: jeuk, branderigheid, roodheid of een eczeemachtige uitslag...
Jamy van den Brink
7 april 2026
Heb jij een allergie voor deodorant?
Je gebruikt een deodorant of antitranspirant om je frisser te voelen. En toch begint het juist daar: jeuk, branderigheid, roodheid of een eczeemachtige uitslag onder je oksels. Dat is niet alleen vervelend, maar vaak ook verwarrend. Heb je een allergie voor de deodorant? Ligt het aan zweet? Aan scheren? Aan een gevoelige huid?
Het eerlijke antwoord: dat kan allemaal meespelen. Okselklachten door deodorant of antitranspirant komen regelmatig voor, maar het is lang niet altijd hetzelfde probleem. Meestal gaat het om één van drie dingen: gewone irritatie zonder echte allergie, een vertraagde huidallergie, of — minder vaak — een snelle reactie met galbulten.
Dat onderscheid is belangrijk. Niet alleen om te begrijpen wat er gebeurt, maar ook omdat de beste test en behandeling afhangen van het soort reactie dat je hebt.
Mini-samenvatting
Okselklachten door deodorant of antitranspirant kunnen ontstaan door irritatie, een vertraagde huidallergie of een snelle galbultreactie. De oksel is extra gevoelig door warmte, vocht, wrijving en scheren. Geurstoffen zijn bekende boosdoeners, maar ook conserveringsmiddelen, propyleenglycol, aluminiumzouten en andere hulpstoffen kunnen meespelen. En niet alles wat op eczeem lijkt, ís ook eczeem: soms gaat het om intertrigo, een schimmelinfectie of erythrasma. Daarom begint goede diagnostiek meestal simpel: stop het verdachte product, geef de huid rust en kijk of verder onderzoek nodig is.
Waarom juist de oksel zo snel reageert
De oksel is geen gewone huidplek. Het is een huidplooi, en dat maakt veel uit. Warmte, vocht, wrijving en afsluiting komen daar voortdurend samen. Daardoor raakt de huid sneller geïrriteerd dan bijvoorbeeld op je arm of been. Stoffen die je op de oksel aanbrengt, blijven daar bovendien vaak langer zitten. En juist dat vergroot de kans op klachten.
Daar komt nog iets bij: de huidbarrière in de oksel is van nature minder sterk dan op sommige andere plekken van het lichaam. Je kunt die huidbarrière zien als een muur van bakstenen met cement ertussen. Zolang die muur stevig is, houdt je huid prikkels goed buiten. Maar als het “cement” verzwakt, kunnen stoffen makkelijker naar binnen en sneller irritatie of eczeem veroorzaken.
Scheren maakt die huid vaak nog kwetsbaarder. Het haalt niet alleen haartjes weg, maar belast ook de bovenste huidlaag. Daardoor kan geschoren okselhuid gevoeliger reageren dan niet-geschoren huid.
Beschadigen huid door scheren
Deodorant en antitranspirant zijn niet hetzelfde
Veel mensen gebruiken die woorden door elkaar, maar er is wel degelijk verschil. Een deodorant richt zich vooral op geur. Dat gebeurt meestal met geurstoffen en/of stoffen die bacteriën remmen. Een antitranspirant doet iets anders: die remt zweten, meestal met aluminiumzouten. In de praktijk kunnen beide producten klachten geven. Dus ook als je denkt: ik gebruik geen gewone deodorant maar een antitranspirant, dan sluit dat huidreacties niet uit.
Niet elke okselreactie is hetzelfde
Als je huid onder je oksels rood, jeukend of schilferend wordt, lijkt dat misschien één soort probleem. Maar in werkelijkheid kunnen er verschillende mechanismen achter zitten. En juist het moment waarop de klachten beginnen, geeft vaak veel informatie.
1. Irritatief contacteczeem: je huid raakt overbelast
Irritatief contacteczeem is geen allergie. Het ontstaat doordat de huidbarrière beschadigd of overprikkeld raakt. Dat kan komen door een ingrediënt in een product, maar ook door wrijving, vocht, afsluiting of scheren. In het algemeen is dit de meest voorkomende vorm van contactdermatitis. Bij dit type reactie zie je vaak dat de huid relatief snel protesteert. Denk aan een branderig, prikkend of schrijnend gevoel kort na het aanbrengen, soms al binnen minuten tot uren. De roodheid en schilfering blijven meestal op de plek waar je het product gebruikt. Klachten worden vaak erger door scheren of door veel zweten. Dat past ook goed bij de oksel zelf: juist daar is de huidbarrière kwetsbaar en raakt de huid sneller uit balans.
2. Allergisch contacteczeem: een vertraagde huidallergie
Allergisch contacteczeem is wél een allergie, maar niet van het snelle type. Het gaat om een vertraagde huidallergie. Simpel gezegd: je afweersysteem heeft een stof eerder leren herkennen en onthoudt die vervolgens. Je kunt die afweercellen zien als bewakers met geheugen. De eerste keer gebeurt er vaak nog weinig zichtbaars, maar bij later contact kunnen die bewakers alarm slaan. Dan ontstaat er eczeem. Bij deze vorm komen klachten meestal niet meteen op. Vaak beginnen ze pas uren tot dagen na blootstelling. Jeuk staat vaak meer op de voorgrond dan branderigheid. Ook kan het eczeem zich uitbreiden buiten de plek waar je het product precies hebt aangebracht. Dat maakt het soms verwarrend: je gebruikt iets onder je oksel, maar de reactie blijft niet altijd netjes binnen die grenzen. Bij verdenking op allergisch contacteczeem is een plakproef de standaardtest.
3. Contacturticaria: een snelle reactie met galbulten
Contacturticaria is weer iets anders. Hierbij ontstaat een snelle reactie met galbulten, vaak binnen enkele minuten tot maximaal een uur na contact. Soms verloopt zo’n reactie via het afweersysteem en soms niet, maar voor de praktijk is vooral belangrijk dat het om een directe reactie gaat. En bij een directe reactie past meestal ook een andere vorm van diagnostiek dan bij vertraagd eczeem. Soms doen we hierbij een 60-minuten plaktest.
Welke ingrediënten zijn bekende boosdoeners?
Bij okselreacties door deodorants en antitranspiranten is er lang niet altijd maar één duidelijke schuldige. Soms is het juist een optelsom. Denk aan parfum op pas geschoren huid, in een warme huidplooi waar een product lang blijft zitten. Dan kunnen irritatie en allergie ook nog door elkaar lopen. Toch zijn er een paar ingrediënten die vaak terugkomen.
Parfum en geurstoffen
Geurstoffen zijn een van de bekendste oorzaken van allergisch contacteczeem door deodorants. Dat is ook logisch: juist in producten tegen zweetgeur worden geurstoffen veel gebruikt. In de praktijk zie je dan ook regelmatig dat mensen die voor het eerst uitslag kregen na een deodorantspray uiteindelijk inderdaad een geurstofallergie blijken te hebben.
Linalool en limonene
Deze geurstoffen zitten in veel cosmetica. Op zichzelf zijn ze niet altijd het grootste probleem. De echte boosdoeners ontstaan vaak pas later, wanneer ze in contact komen met lucht. Dan kunnen ze oxideren en afbraakproducten vormen, zogeheten hydroperoxiden. Juist die afbraakproducten kunnen sterke contactallergenen zijn. Dat maakt het extra verraderlijk: een product kan eerst prima lijken te gaan, maar later toch problemen geven.
Methylisothiazolinone
Methylisothiazolinone, vaak afgekort als MI, is een conserveermiddel en tegelijk een bekend contactallergeen. Ook dit is beschreven als oorzaak van allergisch contacteczeem door deodorant. Wat hierbij meespeelt, is dat samenstellingen van producten in de loop van de tijd kunnen veranderen. Een oude en een nieuwe versie van hetzelfde product kunnen dus behoorlijk van elkaar verschillen. Dat is ook waarom iets dat je vroeger prima verdroeg, later ineens toch klachten kan geven.
Propyleenglycol
Propyleenglycol is zo’n stof die artsen en patiënten soms op het verkeerde been zet. Dat komt doordat het zowel kan irriteren als een echte contactallergie kan veroorzaken. De huid kan er dus boos op reageren zonder dat meteen duidelijk is waarom precies. Juist omdat propyleenglycol in veel alledaagse cosmetische en medicinale producten voorkomt, is het soms lastig te herkennen als terugkerende boosdoener.
Aluminiumzouten
Aluminiumzouten zijn de werkzame stoffen in veel antitranspiranten. Ze zijn dus vooral bedoeld om zweten te remmen, niet om geur te maskeren. Aluminiumallergie is niet de meest voorkomende verklaring voor okselklachten, maar het is wel degelijk beschreven. Er zijn gevallen bekend van allergisch contacteczeem door aluminium in deodorants en antitranspiranten.
Cetyl PEG/PPG-10/1 dimethicone
Ook siliconederivaten kunnen een rol spelen. Een voorbeeld is cetyl PEG/PPG-10/1 dimethicone, dat is beschreven als allergeen in een deodorantcrème. Dat laat zien dat niet alleen de “actieve” stoffen ertoe doen, maar ook de basis waarin een product is opgebouwd.
Maar let op: niet alles is een allergie voor deoderant
Niet alles wat onder de oksel rood, jeukend of schilferend is, is automatisch contacteczeem. Soms lijkt het daarop, maar speelt er iets anders.
Zo kan het gaan om intertrigo: een ontsteking in de huidplooi door warmte, vocht en wrijving. Daarbij kan de huid ook nog secundair geïnfecteerd raken. Een andere mogelijkheid is candidiasis, een schimmelinfectie in huidplooien. Ook erythrasma kan op eczeem lijken. Dat is een infectie door een bacterie en vraagt weer een andere aanpak.
Juist daarom is het goed om niet te snel te concluderen dat elk okselprobleem simpelweg “allergie voor deodorant” is.
Wat kun je zelf als eerste doen?
Als je vermoedt dat een deodorant of antitranspirant de boosdoener is, is het meestal slim om eerst simpel te beginnen.
Stop het verdachte product gedurende minstens één tot twee weken. Geef je huid in die periode zoveel mogelijk rust. Dat betekent ook: liever even niet scheren, wrijving beperken en waar mogelijk luchtige kleding dragen. Juist bij de oksel helpt dat, omdat deze huid van zichzelf al kwetsbaar is en scheren de huidbarrière extra kan verstoren.
Probeer daarnaast de huidbarrière te herstellen met een eenvoudige, ongeparfumeerde zalf of crème. Zie dat opnieuw als het herstellen van het “cement” tussen de bakstenen van de huid. Hoe rustiger en sterker die huidbarrière wordt, hoe kleiner de kans dat nieuwe producten meteen opnieuw problemen geven.
Pas als de huid weer rustig is, kun je eventueel een product opnieuw proberen. Kies dan het liefst iets met een korte ingrediëntenlijst en zonder parfum. Dat verkleint de kans dat je huid opnieuw geprikkeld raakt.
Huidbarriere herstellen
Zelf thuis testen: voorzichtig en niet onbeperkt
Als je vermoedt dat een product de boosdoener is, is het logisch dat je zelf wilt uitproberen waar je op reageert. Dat kan soms voorzichtig, maar niet elke manier van testen is verstandig.
Een methode die hierbij gebruikt wordt, is de ROAT: de Repeated Open Application Test. Daarbij breng je een product herhaaldelijk aan op een klein stukje huid, zonder het af te plakken, om te kijken of er een reactie ontstaat. In de professionele praktijk wordt zo’n test vooral gebruikt als hulpmiddel bij de beoordeling van contactallergie, niet als vervanging van een echte plakproef.
Voor okselklachten is het verstandiger om zo’n ROAT-achtige aanpak niet meteen in de oksel zelf te doen, maar op een minder gevoelige plek, zoals de onderarm, en alleen als de huid rustig is. Krijg je roodheid of duidelijke irritatie, dan stop je meteen.
Belangrijk is wel om te weten wat zo’n thuistest níet kan. Een negatieve reactie sluit allergisch contacteczeem niet uit. En een positieve reactie kan ook gewoon irritatie zijn. Zo’n test kan dus soms iets aanwijzen, maar geeft lang niet altijd een duidelijk antwoord.
Wat je beter niet doet, is een product zelf onder een pleister op de okselhuid plakken. Dat lijkt misschien slim, maar juist die afsluiting kan de huid extra irriteren en beschadigen. Dan weet je uiteindelijk nog steeds niet goed of je reageert door allergie, door irritatie of gewoon doordat de huid te zwaar belast is geraakt.
Behandeling en preventie: wat kun je zelf doen?
De eerste stap is meestal ook de belangrijkste: stop met het product. Niet alleen als behandeling, maar ook als praktische test. Deodorants en antitranspiranten zijn bekende oorzaken van okselklachten, dus stoppen maakt vaak relatief snel duidelijk of er een verband is. Geef de huid daarna de kans om te herstellen. Kies tijdelijk voor een simpele, ongeparfumeerde vette crème of zalf. Eerst moet de huidmuur weer sterker worden, voordat de huid minder gevoelig reageert. Probeer in deze fase ook extra belasting te vermijden. Dus liever even niet scheren, of in ieder geval minder vaak. Draag zachte, niet-schurende kleding en probeer wrijving zoveel mogelijk te beperken. Dat klinkt eenvoudig, maar juist zulke maatregelen kunnen veel verschil maken. Kies je daarna een nieuw product, dan is parfumvrij vaak een logische eerste stap, zeker als je denkt aan een geurstofallergie. Maar parfumvrij betekent niet automatisch probleemvrij. Ook andere ingrediënten kunnen klachten geven. Hetzelfde geldt voor producten die zich presenteren als natuurlijk of botanisch. Dat klinkt vaak veiliger, maar is het niet automatisch. Ook op natuurlijke ingrediënten zijn reacties beschreven.
Heb je eerder al op meerdere producten gereageerd, dan is het slim om ook te denken aan stoffen die in veel verschillende producten terugkomen. Zulke overlap-allergenen, zoals propyleenglycol of bepaalde conserveringsmiddelen, kunnen ervoor zorgen dat klachten steeds terugkeren, ook als je van merk wisselt.
Bronnen
Amaro, C., Santos, R., & Cardoso, J. (2011). Contact allergy to methylisothiazolinone in a deodorant. Contact Dermatitis, 64(5), 298–299. https://doi.org/10.1111/j.1600-0536.2011.01885.x
Dittmar, D., & Schuttelaar, M. L. A. (2019). Contact sensitization to hydroperoxides of limonene and linalool: Results of consecutive patch testing and clinical relevance. Contact Dermatitis, 80(2), 101–109. https://doi.org/10.1111/cod.13137
Evans, R. L., Marriott, R. E., & Harker, M. (2012). Axillary skin: Biology and care. International Journal of Cosmetic Science, 34(5), 389–395. https://doi.org/10.1111/j.1468-2494.2012.00729.x
Garg, S., Loghdey, S., & Gawkrodger, D. J. (2010). Allergic contact dermatitis from aluminium in deodorants. Contact Dermatitis, 62(1), 57–58. https://doi.org/10.1111/j.1600-0536.2009.01663.x
Giménez-Arnau, A. M., Pesqué, D., & Maibach, H. I. (2022). Contact urticaria syndrome: A comprehensive review. Current Dermatology Reports, 11(4), 194–201. https://doi.org/10.1007/s13671-022-00379-0
Heisterberg, M. V., Menné, T., Andersen, K. E., Avnstorp, C., Kristensen, B., Kristensen, A. O., Kaaber, K., Laurberg, G., Nielsen, N. H., Sommerlund, M., Thormann, J., Veien, N. K., Vissing, S., & Johansen, J. D. (2011). Deodorants are the leading cause of allergic contact dermatitis to fragrance ingredients. Contact Dermatitis, 64(5), 258–264. https://doi.org/10.1111/j.1600-0536.2011.01889.x
Isaksson, M., Karlberg, A. T., & Nilsson, U. (2019). Allergic contact dermatitis caused by oxidized linalool in a deodorant. Contact Dermatitis, 81(3), 213–214. https://doi.org/10.1111/cod.13276
Marti, V. P. J., Lee, R. S., Moore, A. E., Paterson, S. E., Rawlings, A. V., & Scott, I. R. (2003). Effect of shaving on axillary stratum corneum. International Journal of Cosmetic Science, 25(4), 193–198. https://doi.org/10.1046/j.1467-2494.2003.00186.x
McGowan, M. A., Scheman, A., & Jacob, S. E. (2018). Propylene glycol in contact dermatitis: A systematic review. Dermatitis, 29(1), 6–12. https://doi.org/10.1097/DER.0000000000000307
Musicante, M. J., Cohen, D. E., & Milam, E. C. (2024). Axillary contact dermatitis: An update on potential allergens and management. Cutis, 113(1), 35–42. https://doi.org/10.12788/cutis.0930
Ogueta, I. A., Brared Christensson, J., Giménez-Arnau, E., Brans, R., Wilkinson, M., Stingeni, L., Foti, C., Aerts, O., Svedman, C., Gonçalo, M., & Giménez-Arnau, A. (2022). Limonene and linalool hydroperoxides review: Pros and cons for routine patch testing. Contact Dermatitis, 87(1), 1–12. https://doi.org/10.1111/cod.14064
Pastor-Nieto, M. A., Gatica-Ortega, M. E., Alcántara-Nicolás, F. D. A., Vergara-Sánchez, A., & del Pozo-Losada, J. (2018). Allergic contact dermatitis resulting from cetyl PEG/PPG-10/1 dimethicone in a deodorant cream. Contact Dermatitis, 78(3), 236–239. https://doi.org/10.1111/cod.12922
Patel, K., & Nixon, R. (2022). Irritant contact dermatitis—A review. Current Dermatology Reports, 11(2), 41–51. https://doi.org/10.1007/s13671-021-00351-4
Pemberton, M. A., & Kimber, I. (2023). Propylene glycol, skin sensitisation and allergic contact dermatitis: A scientific and regulatory conundrum. Regulatory Toxicology and Pharmacology, 138, 105341. https://doi.org/10.1016/j.yrtph.2023.105341
Schubert, S., Geier, J., Brans, R., et al. (2023). Patch testing hydroperoxides of limonene and linalool in consecutive patients—Results of the IVDK 2018–2020. Contact Dermatitis, 89(2), 85–94. https://doi.org/10.1111/cod.14332
Sheu, M., Simpson, E. L., Law, S. V., & Storrs, F. J. (2006). Allergic contact dermatitis from a natural deodorant: A report of 4 cases associated with lichen acid mix allergy. Journal of the American Academy of Dermatology, 55(2), 332–337. https://doi.org/10.1016/j.jaad.2004.12.043
Siemund, I., Zimerson, E., Hindsén, M., & Bruze, M. (2012). Establishing aluminium contact allergy. Contact Dermatitis, 67(3), 162–170. https://doi.org/10.1111/j.1600-0536.2012.02084.x
Turner, G. A., Moore, A. E., Marti, V. P. J., Paterson, S. E., & James, A. G. (2007). Impact of shaving and anti-perspirant use on the axillary vault. International Journal of Cosmetic Science, 29(1), 31–38. https://doi.org/10.1111/j.1467-2494.2007.00361.x
van Ketel, W. G. (1976). Allergic contact dermatitis from propellants in deodorant sprays. Contact Dermatitis.
Watkinson, A., Lee, R. S., Moore, A. E., Pudney, P. D. A., Paterson, S. E., & Rawlings, A. V. (2002). Reduced barrier efficiency in axillary stratum corneum. International Journal of Cosmetic Science, 24(3), 151–161. https://doi.org/10.1046/j.1467-2494.2002.00133.x
Door Jamy van den Brink
Jamy van den Brink behaalde in 2024 CumLaude haar diploma HBO Huidtherapie aan de Hogeschool Utrecht.
Bron: https://allergiecentra.nl/nieuws/allerg ... nt-oksels/